Opslag verdient aandacht, óók van ruitensproeiervloeistof

Eerder nog vroeg een ondernemer advies omdat de verkoop van ruitensproeiervloeistof op zijn tankstation was stilgelegd. Hij voldeed niet aan de eisen van opslag en had ook nog een vergunning hiervoor nodig, werd hem verteld. Terwijl hij net het station had overgenomen en daar al jaar en dag ruitensproeiervloeistof zo verkocht werd. Het BETA-lid was zeer verbaasd. Nu kregen wij weer vragen op het secretariaat omdat er nu weer winter ruitensproeiervloeistof wordt verkocht.  Dus zetten we alles nog eens op een rijtje voor u. Dat scheelt boetes of het stilleggen van de verkoop.

Lekbakken
Lisanne Henneveld legt het volgende uit. “Producten voor de verkoop als motorolie en ruitensproeiervloeistof moeten in het magazijn in lekbakken worden opgeslagen. Belangrijk is dat men maatregelen treft om te voorkomen dat bij lekkage de gevaarlijke stoffen in het milieu terecht kunnen komen. Een opslagvoorziening moet zodanig zijn geconstrueerd dat gelekt of gemorst product niet uit de voorziening kunnen stromen.”

Opvangcapaciteit
“De vereiste opvangvoorziening moet daarnaast voldoende bestand zijn tegen de opgeslagen gevaarlijke stoffen en er mogen zich geen openingen bevinden die rechtstreeks in verbinding staan met de riolering. De opvangcapaciteit moet tenminste 110% van de inhoud van de grootste verpakking zijn. Tevens moet de opvangcapaciteit ten minste 10% zijn van de inhoud van alle opgeslagen stoffen. De opslag van gevaarlijke stoffen, zowel bovengronds als ondergronds, ligt geheel vast in het Activiteitenbesluit en PGS-15 (Productiereeks gevaarlijke stoffen).

Twee voorbeelden:
A De volgende vaten zijn aanwezig: 1 vat met 100 liter, 4 vaten met 75 liter en 2 vaten met 50 liter. Gezamenlijk betekent dit een opslag van 500 liter. 110% van de inhoud van de grootste verpakkingseenheid = 110% x 100 liter = 110 liter. 10% zijn van de inhoud van alle opgeslagen stoffen = 10% van 500 liter = 50 liter. De grootste waarde telt, dus de opvangcapaciteit moet 110 liter bedragen.

B De volgende vaten zijn aanwezig: 1 vat met 30 liter, 20 vaten met 25 liter. Gezamenlijk betekent dit een opslag van 530 liter.110% van de inhoud van de grootste verpakkingseenheid = 110% x 30 liter = 33 liter. 10% zijn van de inhoud van alle opgeslagen stoffen = 10% van 530 liter = 53 liter. De grootste waarde telt, dus de opvangcapaciteit moet 53 liter bedragen.”

Winter ruitensproeiervloeistof
Als het echter gaat om opslag in het tankstation, en wel in de shop, het magazijn en op het buitenterrein, komt vooral de brandgevaarlijke ruitensproeiervloeistof (vlampunt kleiner dan 40°C, zogenaamde winter tuitensproeiervloeistof) voor. Uit de regelgeving voor de opslag van deze stof blijkt het volgende:

  • Minder dan 300 liter ruitensproeiervloeistof (vlampunt kleiner dan 40°C/winter ruitensproeiervloeistof) aanwezig in de verkoopruimte: géén lekbak verplicht.
  • Tussen de 300 en 800 liter ruitensproeiervloeistof (vlampunt kleiner dan 40°C/winter ruitensproeiervloeistof) aanwezig in de verkoopruimte: lekbak verplicht.
  • Ruitensproeiervloeistof die op het buitenterrein is opgeslagen moet tegen alle weersomstandigheden bestand zijn en de verpakkingen mogen niet groter zijn dan maximaal 5 liter.
  • Minder dan 50 liter aanwezig in het magazijn: Brandgevaarlijke stoffen opslaan boven een lekbak die 100% van het product kan opvangen, bovendien moet sprake zijn van gedegen opslag en mag het product niet op de grond staan.
  • Meer dan 50 liter aanwezig in het magazijn: Brandgevaarlijke stoffen moet opgeslagen worden in een veiligheidskast

LPG-tankstation
Maar de Omgevingsdiensten lijken alert te zijn op ruitensproeiervloeistof, volgens Lisanne. : “Ik heb een toezichthouder gesproken die vertelde dat er tijdens een bijeenkomst van deze omgevingsdiensten er op gewezen is dat de zogenaamde winter ruitenspoeiervloeistof (met een vlampunt beneden 40 graden C) een milieugevaarlijke stof is die in geval van een vergunning plichtig tankstation (bijv. LPG-verkoop) ook apart in die vergunning geregeld dient te zijn Daar zijn juridische redenen voor die ik u bespaar. Feit is dat dat tot gevolg kan hebben dat de verkoop op dat moment stilgelegd kan worden en een aanpassing van de vergunning nodig is. Dit kan geruime tijd duren dus dat is een grote financiële strop voor de ondernemer.

Tankstation met meldplicht
Een gewoon (slechts) meldingsplichtig tankstation kan volstaan met een melding van de verkoop en dient zich aan bovenvermelde regels te houden voor opslag en verkoop. Ik adviseer u om na te gaan hoe de situatie bij u op het tankstation geregeld is.”

Voor nadere vragen kunt u zich richten tot Lisanne Henneveld via het BETA-secretariaat (010-41 11 180) of rechtstreeks via lisanne@eendrachtbv.nl.

Daarom bent u BETA-lid

  • Direct en praktisch advies door uw eigen tankstationspecialisten
  • Regionale en informele bijeenkomsten met collega’s
  • Cao maatwerk; een betaalbare branche cao
  • Altijd als eerste op de hoogte van actuele branchezaken